2011 Canal du Midi

Etappes

Vrijdag 27 mei Rotterdam – Suze-la-Rousse 3 km
Zaterdag 28 mei Suze-la-Rousse – La Roque-s-Cèze 49 km
Zondag 29 mei La Roque-s-Cèze – Uzès 36 km
Maandag 30 mei Uzès – St. Martin-de-Londres 81 km
Dinsdag 31 mei St. Martin-de-Londres – Fontès 65 km
Woensdag 1 juni Fontès – Colombiers 50 km
Donderdag 2 juni Colombiers – Mirepeisset 37 km
Vrijdag 3 juni Mirepeisset – Carcassonne 62 km
Zaterdag 4 juni Carcassonne
Zondag 5 juni Carcassonne – Avignonet 70 km
Maandag 6 juni Avignonet- Grisolles 78 km
Dinsdag 7 juni Grisolles – Valence d’Agen 62 km
Woensdag 8 juni Valence d’Agen – Aiguillon 74 km
Donderdag 9 juni Aiguillon – La Reole 52 km

Vrijdag 27 mei – Om een uur ’s middags staan we met twee andere fietsers bij Amsterdam Amstel te wachten. Nog steeds geen fietsbus. Moeten we bellen? Om tien over een komt alsnog de bus. We zijn al bezig om de sturen dwars te zetten maar dat hoeft niet horen we van de chauffeur. Er zijn maar 14 fietsen aan boord. Ruimte genoeg in de aanhanger. Na in Utrecht en Eindhoven de anderen opgepikt te hebben gaat het richting Luxemburg en uiteindelijk de Provence. We hadden geluk. Het aantal deelnemer is maar 14 terwijl 20 het minimum is, maar het is de eerste rit van het seizoen en die wilde men niet afgelasten. In de Ardennen en Luxemburg stoppen we om iets te eten en te drinken (en goedkoop te tanken). Daarna proberen te slapen op het lange stuk door Frankrijk.

Zaterdag 28 mei – Om kwart over vijf draaien we de 28ste mei de tolweg af en tien minuten later stoppen we in Suze-la-Rousse om de eerste zes fieters af te zetten, een beetje als het lossen van duiven. Kijken of ze de weg naar huis kunnen vinden. Wat onwennig laden we alles op en in het vroege ochtenlicht gaat het naar Pont St. Esprit aan de Rhone. Gelijk al een aardige klim. Aangekomen doen we boodschappen, drinken we koffie en kijken op de zaterdagochtendmarkt. Het is lekker warm, niet te heet als we verder gaan. Wijngaarden, oude dorpjes, oude bruggen en wasplaatsen komen voorbij en redelijk vroeg in de middag vinden we na wat zoeken onze eerste camping die wat verder buiten het dorp ligt dan we dachten. Er is Nederlands beheer, er is een zwembad, een restaurant, etc. maar het is er nog redelijk rustig zo vroeg in het seizoen. ’s Avonds nemen we een roseetje op de goede afloop en gaan vroeg naar bed.

Zondag 29 mei – Om acht uur vertrekken we deze zondag van La Roque-s-Sèze naar Uzès, een korte etappe. De camping is nog zeer stil. Het is opnieuw prachtig weer. Mooi is de burcht Sabran, het hoogste punt van de dag. Even later vinden we koffie, een bakker en een Vival voor de boodschappen. Alles gelijk geregeld. Pougnadoresse en La Poterie zijn leuke dorpjes om wat rond te kijken voor we in Uzès arriveren. De campings zijn nogal droog hier, weinig gras, maar we vinden een aardig plekje. We eten vroeg en lopen ’s avonds het oude Uzès binnen dat nog een hertogelijk paleis herbergt, een soort vesting met torens. Door allerlei oude straatjes bereiken we een plein omringd door bogen met veel mooie bomen. Tijd voor een drankje. Weer een mooie dag.

Maandag 30 mei moeten we 81 km. fietsen naar St. Martin de Londres, gelukkig met niet te veel klimwerk. De dag begint mooi, we zijn voor zevenen al op pad en de uitzichten zijn prima. In een dorpje waar een café zou moeten zijn vinden we alleen een stil winkeltje waar de eigenaresse buiten zit op een laptop te werken. We vragen waar we koffie kunnen krijgen. Ik maak wel even een kopje voor jullie antwoordt ze en maakt haar tafeltje voor ons beschikbaar, een leuke verrassing. Een Route Barrée zit ons even later in de weg. We negeren het bord en zullen wel zien. Het blijk een stukje wegdek/brug te zijn dat weggespoeld is door hoog water. Wel ligt er een plank overheen. Met wat manoeuvreren komen we aan de overkant. Het wolkendek neemt wat toe, de omgeving wordt wat bergachtiger als we St. Martin de Londres naderen. We komen eerst de camping tegen waar we ons installeren en daarna rijden we naar het dorp voor boodschappen. Een stevige regenbui maakt dat we moeten schuilen. Later is het weer droog.

Dinsdag 31 mei gaan we naar Fontès en we hebben 600 klimmeters te gaan, die vrij snel beginnen. We daan door spectaculair landschap naar de Gorges de l’Herault. Om half elf komen we aan in St. Guilhem-le-Désert, een Village Fleuri en ook een Plus Beaux Village. We wandelen met onze fietsen omhoog het dorp in tot aan de abdij en vinden een mooie plek voor koffie waar we in gesprek raken met andere Nederlandse fietsers. We vinden wat later een Lidl, waar het altijd moeilijk is om kleine porties van dingen te komen. Half in de middag rijden we Adissan binnen, waar een camping is. Helaas is deze nog dicht. Niet alle papieren zijn in orde. Je moet naar Fontès, zeggen ze. Deze camping zou dicht zijn volgens het boek maar is open en nog zeer dun bevolkt. De hond is nadrukkelijk aanwezig. Hij zou een bril moeten hebben, zodat hij de gasten van anderen kan onderscheiden, zegt de eigenaar. We vinden een mooi plekje. De zon komt er weer bij. Eind van een mooie dag.

Woensdag 1 juni gaan we naar Colombiers. Dat ligt aan het Canal du Midi. We zijn heel benieuwd. Het is erg winderig. Dat was het ’s nachts ook al. Het is nog redelijk helder maar wel hard werken op de fiets. Onderweg vinden we een bakker maar nog geen koffieplek. Om half elf hebben we pas 24 km. gereden. Het schiet niet erg op.In Corneilhan vinden we na 34 km. een koffieplek met uitzicht op een scherm met het weerbericht. Wolken, een bui en 16 graden. Niet wat we in gedachten hadden. Na de boodschappen komen we half twee op de camping aan. Het is nat en modderig. We vinden een plek en hebben een picknicktafel. Dat is altijd een dikke plus. We hebben lekkere dingen voor lunch en later diner. Het is zo koud dat we lang ondergoed aan gaan doen, maar we hebben het eerste deel van onze toch erop zitten.D

Donderdag 2 juni – Beetje onbestendig weer als we om half zeven opstaan, ontbijten en in Colombiers op zoek gaan naar de bakker. Daar vinden we onze pains complet en chaussons aux pommes. We maken foto’s bij de brug over het Canal en gaan het jaagpad op. Dat valt tegen. Hobbelig met gras en stenen. Het gaat erg langzaam. Apart is het stuk waarbij het Canal door een tunnel gaat om een heuvel te passeren. Soms loopt er een weg langs het kanaal en dan pakken we de weg. Dat is de enige bruikbare aanpak. Er komen veel plezierjachten voorbij, de meeste via verhuur. Soms is de weg te druk en gaan we beschut door de vele platanen over het onverharde pad. Onze camping in Mierepeisset ligt wat van het kanaal af zodat we, nu het stevig regent, een verhard wegdek kennen. Op de camping is de receptie gesloten. Het gaat hier vooral om verhuurbare mobil homes. Voordat we onze tent op een natte vieze plek moeten opzetten komt er iemand naar receptie en kunnen we voor 27 euro een mobil home huren. Doen we! Omdat het Hemelvaardag is zijn de winkels gesloten en moeten we onze eerste “noodmaaltijd” in stelling brengen, maar daar is hij voor meegebracht.

Vrijdag 3 juni – We maken ons huisje zo goed mogelijk schoon en hebben op de kaart de wegen gevonden die parallel aan het kanaal lopen. Dat lijkt ons beter en zo. We kunnen nu iets meer tempo maken. Het weer is vandaag iets beter, hoewel nog tamelijk koud. We vinden snel een winkel. Graanvelden en wijngaarden wisselen elkaar af op de route. Na de lunch vinden we in Badens een schijnbaar gesloten bar tabac. Ze zijn wel open en we kunnen koffie krijgen. We installeren ons op een paar stoeltjes buiten en vertellen waar we mee bezig zijn.Bij de Ecluse de Trèbes zijn er weer meer mensen, ook op het kanaalpad waar wij ook opgaan. Er is nog modder waar je moet oppassen of even afstappen, maar het is te doen, al is het langzaam. Zo bereiken we via een wat betere sectie van het pad Carcassonne. Een fruitwinkel levert ons wat we nodig hebben en de gps wijst ons naar de camping die ruim buiten het centrum ligt. De lucht dreigt enorm. Gelukkig regent het pas als we gegeten hebben en alles opgeruimd. We maken kennis met een Engelse fietser al aardig op leeftijd die hier zijn tour onderbreekt.

Zaterdag 4 juni hebben we een rustdag om Carcassonne te bekijken en vooral de citatel op een heuvel. Er is daar ontzettend veel te zien en het is een prima onderbreking van de trip in deze regenachtige, koude omstandigheden. We bezoeken kasteel, kerk en vinden een leuke plek voor lunch, voordat we teruglopen naar stad voor nog wat boodschappen en weer naar de camping, waar de lucht ’s avonds vanuit het oosten weer dichttrekt.

Zondag 5 juni is Avigonet onze bestemming, 70 km. verder. We hebben uitgerekend dat we maar 10 km. onverhard hoeven te rijden, maar dat worden wel gedenkwaardige kilometers.We zoeken eerst succesvol maar later minder succesvol onze weg uit Carcassonne. Moeten aanwijzingen vragen en komen dan op een in principe drukke weg, maar op de zondagochtend valt dat nogal mee.Daarna is het genieten van geweldige uitzichten bij een wisselende bewolking.We passeren weer een aantal van de vele sluizen in het kanaal. In Alzonne komen we een kleine supermarkt tegen, zeer nuttig op de zondagochtend. Daarna een zeer steile klim, maar die zijn hier tamelijk kort. Castelnaudary is een prachtig stadje, waar we op een brocante nog wat koffie en water kunnen kopen en een wat meer verhard deel van het pad op kunnen. Als die sectie ophoudt hebben we geen alternatief en moeten we de modder in. Dat wordt een uurtje lopen met de fiets aan de hand. Als we daarmee klaar zijn vinden we een plek waar we water kunnen krijgen. We poetsen de fietsen zo schoon als mogelijk. We passeren deze dag het hoogste punt van het Canal en gelukkig begint later op de dag het verharde deel van het pad en dat blijft zo tot La Réole. Opluchting. De camping is prima en we kunnen onze spullen drogen. Leuk gesprek met een Engels stel met hond.

Maandag 6 juni gaan we naar Grisolles. De afstanden worden intussen wat langer. Door het betere wegdek kan dat makkelijk .Vandaag ruilen we het Canal du Midi voor het Canal de Garonne, dat de gelijknamige rivier parallelt. We komen nu in de buitenwijken van Toulouse. Dat betekent erg goed opletten om de route vast te houden. We doen boodschappen en vinden een terrasje voor koffie, waar iemand druk bezig is met gokken op de paardenraces. De Fransen gokken zo te zien wat af. We komen langs het standbeeld van Riquet, de bouwer van het Canal du Midi. Dan zijn we bij het Canal de Garonne, dat we eerst door een industriegebied volgen. Dan wordt het rustiger en vinden we een plekje voor lunch. Het spoor volgt het kanaal een lange tijd. Via een aquaduct kruisen we een van de rivieren die in de Garonne uitkomt. Rond half vier komen we bij de terrassencamping van Grisolles aan. We kopen een fles rosé en installeren ons op een plek met picknickbank.

Dinsdag 7 juni begint na wat regen in de nacht grijs. We houden het gedurende de ochtend droog. De paden langs het kanaal zijn hier wat hoger en we hebben mooi uitzicht. We zien een paar bevers in het kanaal. Net buiten Montech is een hellende sluis met een machine om boten met water en al de hoogte van 5 sluizen omhoog of omlaag te brengen. Dat moet er spectaculair uitzien als er een boot voorbij komt. Net voor Moissac moeten we de Tarn kruisen. Een 365 meter lang aquaduct zorgt daarvoor. We nemen de tijd om daar te fotograferen. In het historische en mooie Moissac hebben we koffie, doen inkopen en lopen door het prachtige dorp. Als we een bankje zoeken om te lunch worden we getracteerd op een stortbui. Dan maar een overdekt steegje. De regen zet door. Verderop schuilen we onder een overdekte marktplaats bij het kanaal en verkassen naar een café als een aantal andere schuilende fietsers ook op het idee komt. Redelijk verzopen komen we op de camping van Valence d’Agen aan. Hier vinden we in wind en regen een enigszins geschikt plekje.

Woensdag 8 juni hebben we een wat drogere etappe en komt ’s middags de zon er weer bij. Bij Agen kruisten we met een 540 meter lang aquaduct de Garonne zelf. Een behoorlijk contrast vormde de kerncentrale van Golfech achter prachtig goudgeel graan. Koffie en boodschappen doen we Sérignac s/ Garonne, een leuk dorp waar we Purée de Pruneaux kopen, een lokale specialiteit. We letten blijkbaar niet goed op want we rijden de afslag naar de camping voorbij. Geen nood, wat verderop moet er nog een zijn. Die in Damazan blijkt echter nog niet open te zijn. Er is stromend water en de toiletten werken maar we wagen het er niet op. We zullen in Damazan wel vragen. We worden verwezen naar Aguillon. Die camping, 7 km. uit de route moet open zijn. We versterken ons met wat lekkers en gaan op pad. Drukke weg, geen pretje. De camping is lastig te vinden. Staat niet goed op onze kaart. Daar aangekomen blijkt ook die dicht. Aan de overkant ligt een hotel. Dat is onze redding. Gaat om 17 uur open. We benutten de tijd om de tent te drogen op een grasveld vlakbij. Een zeer vriendelijke beheerder zorgt dat we een goede kamer hebben, de fietsen een plekje vinden en we ’s avonds voor heel weinig geld kunnen eten. Even wat luxe, maar alternatieven zijn er niet.

Donderdag 9 juni is de laatste, redelijk korte dag langs het Canal. We kunen vroeg ontbijten en via een rustige alternatieve route komen we weer bij het kanaal uit. Het is lekker rijden over het verharde pad. We zullen het gaan missen. Wel altijd opletten bij de hellinkjes die we over moeten om een weg te kruisen, of juist onder de brug door, vlak langs het water. Le Mas-d’Agenais is een erg leuk dorp met een oude wasplaats, veel loemen, en een leuk café waar we koffie drinken, rondkijken en boodschappen doen op de oude overdekte markt. Bij Pont de Tartifume bereiken wij onze volgende mijlpaal. We verlaten het Canal de Garonne en koersen naar La Réole, onze bestemming van vandaag. Het dorp ligt op een helling en de camping vlak voor het dorp aan de oever van de Garonne, een prima plek om te staan. ’s Avonds lopen we het dorp in met een aantal mooie oude gebouwen. We drinken wat op het terras van het café. Morgen gaan we de Jacobsroute opzoeken.

Scroll naar boven